Je instelling maakt het verschil

Is het glas half vol of half leeg? Hoe je situaties inschat is een kwestie van instelling of ‘mind-set’.

Henry Ford zei “Of je nu gelooft dat je het kan of niet, je hebt altijd gelijk”. Met de open instelling dat je wil leren en bereid bent om hard te werken, kan je ver komen. Het idee “Ach, dat kan ik niet” is een defaitisme dat zichzelf bewijst, omdat je een gesloten instelling hebt (closed mind-set). Je gelooft in dit laatste geval niet in je eigen vermogen om te groeien.

De juiste instelling

Je instelling maakt het verschil

Wat is de beste aanpak?

  • Begin met bescheidenheid en de bereidheid om je mouwen op te stropen. Geen overschatting of onderschatting tot je er meer van weet.
  • Talent is mooi meegenomen, maar volhouders winnen het vaker. De aanhouder die zichzelf wil verbeteren heeft meer kans op succes, dan het talent dat aanneemt dat succes bijna aangeboren is.
  • Wees bereid om te leren van anderen, ook van mensen met minder ervaring die ergens fris tegenaan kijken. Probeer uit te vinden of iemand anders het al eens heeft gedaan en zo ja, hoe dat is gelukt.
  • Vraag om hulp en advies. Gewoon simpelweg vragen aan degene die je de opdracht (of de suggestie) gaf, is al een goed begin.
  • Ga na welke capaciteiten je zelf bij kan dragen, zoals ervaring op andere gebieden.
  • Onderzoek wat er eventueel verbeterd kan worden aan de aanpak (voorbereiding, gereedschap, hulpbronnen, etc.). Daarmee leg je een redelijke basis om de taak met enige mate van succes af te ronden.
  • Denk nooit “Oh, dat doe ik wel even”, terwijl je geen ervaring hebt, want dan ben je arrogant of slecht geïnformeerd.

Realistisch en haalbaarheid

Er zijn genoeg voorbeelden van “Dat is nog nooit iemand gelukt!” Soms kan er een ‘magische grens’ zijn die uiteindelijk zonder toverstokje doorbroken wordt met de juiste instelling.

Je instelling maakt het verschil

Een klassiek voorbeeld is Roger Banister. Hij was in de jaren ‘50 van de vorige eeuw een hardloper die probeerde de mijl in 2 minuten te lopen. Iedereen zei dat het ‘onmogelijk’ was, net zoiets als het doorbreken van de snelheid van het geluid. Roger bleef trainen en optimaliseerde alle voorwaarden om wel te slagen. Uiteindelijk lukte het hem om de ‘magische’ grens van 2 minuten te doorbreken. Het bleek een psychologische grens, want binnen korte tijd slaagden meerdere andere atleten erin om de 2 minuten grens ook te doorbreken en zijn nieuwe record te verbeteren. Maar hij was wel de eerste, en dat neemt niemand hem meer af.
Met aandacht voor details die uiteindelijk samen het verschil maken, kan je op een reële manier een vermeende grens doorbreken.

Een grens van 1 minuut voor de mijl is niet realistisch en zonder hulpmiddelen – zoals een racefiets – een fysieke onmogelijkheid. Maar als ik persoonlijk in staat ben om – met mijn korte benen – de mijl in 4 minuten en 20 seconden te lopen, dan is voor mij de mijl in 4 minuten een realistische grens om te doorbreken. Het is per slot van rekening maar een paar procent sneller.

Consequent maar niet te rigide

Je instelling maakt het verschil

Ergens 100% voor gaan is vaak makkelijker dan 80 of 90%. Geen ongezonde producten meer kopen is makkelijker dan ‘af en toe’ toegeven aan je behoefte aan ongezonde snacks. Een ‘traktatie’ afslaan is uiteindelijk makkelijk dan het te accepteren ‘voor deze ene keer’, en door herhaling geleidelijk af te glijden).

Gezond eten is iets anders dan ‘nooit zondigen’. Een dieet tijdelijk volgen heeft meestal het gevolg dat je gewoontes er niet blijvend door veranderen. Zodra je stopt, dan eet je de kilo’s er zo weer aan. Door gezondere gewoontes aan te leren, kan je de kilo’s er blijvend af houden en je conditie behoorlijk verbeteren, zowel fysiek als mentaal.

En ben je van mening dat je dan af en toe een ijsje mag hebben (maar geen familiezak patat voor jezelf), dan moet je daar niet moeilijk over doen. Het gaat erom wat je als regelmaat doet, niet de uitzonderingen, zolang het inderdaad daarbij blijft.

Doorbreek je een goede gewoonte eenmaal, dan doe je er goed aan om die onmiddellijk weer te volgen. Gewoontes worden meestal snel sterk genoeg om ze te laten beklijven. Voor eenvoudige gewoontes gaat dat uiteraard makkelijker dan voor complexe activiteiten. Door nieuwe gewoontes stap voor stap te koppelen aan iets wat je al regelmatig doet, is de kans om het vol te houden ook weer groter.

Conclusie?

Je instelling maakt het verschil om te slagen met onmogelijk lijkende taken, zeker als je geen voorbeelden kan vinden. Kies voor groei met verbeterdoelen en een open instelling. Wees realistisch over (on)mogelijkheden, ken je eigen grenzen en ga voor de lange adem. Als snel succes makkelijk was, dan deed iedereen het.

Nog even het volgende…

  • Met een gratis abonnement op onze Mentor Momenten ontvang maandelijks nuttige tips voor Persoonlijk Groei! Zie Archief.
  • Zoek jij een Mentor? Vraag NU een gratis en vrijblijvende eerste inventarisatie aan voor begeleiding door een Mentor voor Persoonlijke Groei.
  • Inspiratie:

    Obviously, there is little you can learn from doing nothing.

Plaats een reactie